Laatste

De Weerribben

10 juli 2018

***Voor een grotere en scherpere weergave even de foto’s aanklikken!***

In de afgelopen maanden ben ik twee keer naar de Weerribben geweest. Dat was voor mij de eerste keer en het heeft me zeker niet teleurgesteld. Ik heb er een berg foto’s aan overgehouden waarvan ik er in dit blog een aantal aan jullie wil laten zien.

De eerste keer ging ik speciaal voor de libellen. In de Weerribben vliegen een aantal bijzondere soorten rond en dus vertrok ik heel vroeg in de ochtend richting Noord-West Overijssel. De zon kwam net op toen ik arriveerde en dan begint het zoeken naar die mooie vliegende diamantjes. Die, als het goed is, op dit tijdstip nog zitten op te drogen tussen de begroeiing.

Het duurt niet lang voor ik de eerst gevonden heb. En als je dan langer op één plek blijft zie je de één na de ander. Mijn eerste ‘slachtoffer’ is de mooie viervleklibel. Een veel voorkomende soort, maar erg mooi.

Wat zijn ze mooi hè als ze onder de dauw zitten.

Vanuit een andere hoek lijkt net of hij aan het fierljeppen is. Zou best kunnen. Friesland is hier maar een paar kilometer vandaan.

Zoals ik al zei: als je ergens stilstaat zie je vanzelf meer libellen. Of, in dit geval, een juffer. Het kleine neefje van de libel, maar net zo mooi. Dit is de grote roodoogjuffer. Ik hoef denk ik niet uit te leggen waar die zijn naam aan verdient heeft.

Ook nu maak ik weer foto’s vanuit verschillende hoeken. Het leuke, en vervelende, van juffers is dat ze altijd van je weg draaien en achter de stengel gaan zitten. Dus je bent wel haast gedwongen om steeds een andere hoek te kiezen.

Wat zie ik daar verschijnen in de achtergrond? Het is een andere soort libel: de bruine korenbout. Een niet heel veel voorkomende libel. Ik heb hem eerder kunnen fotograferen bij het Naardermeer. En ook hier neem ik even de tijd voor hem.

De dauwdruppeltjes glinsteren je tegemoet. Deze keer kruip ik er nog wat dichter op om de druppels nog beter te laten zien.

En zo ben je gewoon een uur bezig op een stukje van een paar vierkante meter. Wat een rijkdom om hier eventjes deel van uit te mogen maken.

Maar dan loop ik toch verder, benieuwd naar wat ik nog meer tegen ga komen na deze veelbelovende start. De zon is inmiddels volop aanwezig en ik voel de warmte toenemen. Dat heeft twee nadelen: de libellen drogen nu snel op en gaan zo vliegen en een ander insect wordt wakker. De knut! Een vervelend rotbeest, die met tientallen rond je hoofd vliegt en je van alle kanten aanvalt. Gek wordt ik er van! Het is bijna niet te doen om stil te staan. Misschien volgende keer toch maar even inspuiten met DEET! Maar zoals een goed natuurfotograaf betaamd ga ik stug door. Die jeukbulten deal ik later wel mee.

Het duurt nu wat langer voordat ik weer beet heb. Dan zie ik vlak langs het pad een libel hangen met een goeie schutkleur: de vroege glazenmaker.

Even verderop zie ik nog een libel Die heeft een wat kleurrijker plekje uitgekozen om op te warmen. Smaken verschillen nu eenmaal, ook in de libellenwereld. Het is een volgens mij een smaragdlibel.

Hoe warmer het wordt hoe meer libellen tevoorschijn komen. Op sommige plekken vliegen er tientallen rond. Een prachtig gezicht, maar niet meer te fotograferen. Zo heel af en toe zit er nog een uitslaper wakker te worden. Zoals deze Glassnijder.

Als iemand een verklaring heeft voor die naam, dan hoor ik het graag.

Uiteindelijk is het tijd geworden om weer te vertrekken. Weg van de knutten en de hitte, die het toch wel onaangenaam maken. Maar ik neem nog even de tijd om deze net uitgeslopen smaragdlibel te fotograferen.

Nu had ik aan het begin van dit blog over de heel bijzondere soorten die hier rondvliegen. En één daarvan zag ik dan toch op het laatste nippertje. Op een bankje, dus geen bijzondere foto, maar ik wil hem toch even laten zien. Hoe vaak zie je nou een gevlekte witsnuitlibel. Voor mij is het in elk geval de eerste keer.

Wat een beauty! Een prachtige afsluiting van mijn eerste bezoek aan de Weerribben.

Mijn volgende bezoekje was een paar weken later. Samen met een aantal andere leden van de natuurfotoclub VNF-Nijkerk hielden we excursie naar de Weerribben. Op een andere plek dan ik de eerste keer was. Ik was benieuwd of het weer zo’n succes zou worden als de eerste keer. We arriveerden wat later en er was geen dauw. Daarnaast waaide het ook nog eens stevig. Stilzittende libellen en juffers zaten er dus niet in deze keer. Maar ondanks dat was er genoeg te zien en te fotograferen.

Om deze grote roodoogjuffer te fotograferen moest ik mijn camera net boven het water houden. Er kwam zelfs een beetje water in mijn zonnekap te staan. Alles voor de foto!!!!

Later kwamen we langs een veld met zonnedauw. Daar zagen we een aantal gevangen insecten. Dit juffertje was reddeloos verloren. Ze zat helemaal vast met haar pootjes en vleugels. Ook dat is natuur.

Het is een breedscheenjuffer. Van voren gefotografeerd levert een een wat meer artistiek plaatje op, mede door de beperkte scherptediepte.

Je kunt niet helpen om medelijden te hebben met het beestje. Maar dit is een natuurlijke situatie en dan zal ik niet snel ingrijpen. Daarnaast is losmaken een bijna onmogelijke opgave. Overal zitten de kleverige druppels en de vleugels zijn al behoorlijk beschadigt.

Een ander slachtoffer van dit vleesetende plantje is nog groter: een oeverlibel. Ze mag dan een stuk groter zijn, maar ook zij komt niet meer weg zodra ze eenmaal vast zit in de kleverige massa. Toch indrukwekkend hoe de natuur te werk gaat en elke soort, plant of dier, zijn eigen specialiteit en eigenschappen heeft ontwikkeld.

Al met al een hele boel foto’s van twee tochtjes naar de Weerribben. En een veel langer blog dan jullie van me gewent zijn. Hopelijk ben ik jullie niet kwijt geraakt halverwege.

Dit blog is geheel gewijd aan de libellen, maar in de Weerribben fladderen ook heel wat bijzondere vlinders rond. Als toegift laat ik daar nog een aantal van zien. Niet de mooiste foto’s, maar wel heel leuk om tegen te komen in het veld.

Van links naar rechts: Grote vuurvlinder, grote weerschijnvlinder en zilveren maan.

Allemaal zeldzame vlinders in Nederland.

En hiermee sluit ik dit blog af. Ik denk dat de Weerribben op mijn lijstje komt van gebieden waar ik elk jaar naar toe moet. Dank voor het lezen en een reactie wordt erg op prijs gesteld. Tot blogs!

Advertenties

De tuinhut 3

19 juni 2018

***Voor een grotere en scherpere weergave even de foto’s aanklikken!***

Hier is dan de laatste in de serie van drie over ons (Dick en ik) bezoek aan de tuinhut van Arjan Troost. Na de meest voorkomende vogels en de eekhoorns laat ik nu de incidentele (gevleugelde) bezoekers zien.

Eén van die bezoekers was een gaai. In de volksmond ook wel Vlaamse gaai genoemd. Ooit is het Vlaamse verdwenen en werd deze prachtige vogel een gaai. Geen idee waarom, maar velen zeggen nog gewoon Vlaamse gaai. Dus dit is dan een Overijsselse Vlaamse gaai.

Je ziet ze ook vaak in woonwijken en tuinen, maar het blijven toch schuwe bosvogels. Bij het minste of geringste geluid of beweging zijn ze verdwenen. Ze zijn dus moeilijk te fotograferen in het veld, maar vanuit zo’n hut gaat het prima.

Een andere vogel die ik ook thuis wel eens in de tuin zie is de heggenmus. Meestal scharrelend over de grond tussen de struikjes en de bladeren. Het was dus een meevaller dat dit exemplaar even wat hoger ging zitten.

Ik vind vooral de achtergrond erg mooi in deze foto.

Een graag en vaak geziene gast bij fotohutten is de grote bonte specht.

Ik heb best wel wat foto’s van deze specht, maar op één of andere manier spreken ze me niet echt aan. Waarschijnlijk omdat ze teveel lijken op eerder foto’s die ik gemaakt heb. Bovenstaande foto springt er echter uit, door de donkere achtergrond.

Ik heb als laatste foto degene bewaard die ik zelf de mooiste vogelfoto van deze dag vind. Dit winterkoninkje ging precies op het juiste plekje zitten.

Een prachtig beestje! En voor mij dus de topper van de dag, samen met de drinkende eekhoorn in mijn vorige blog.

De dag is weer omgevlogen. En ondanks te lichte teleurstelling over het ontbreken van de ijsvogel en de afwezigheid van roofvogels, was het weer een leuke dag. Nu is het al weer nadenken over waar en wanneer we volgend jaar naar toe gaan.

De tuinhut 2

7 juni 2018

***Voor een grotere en scherpere weergave even de foto’s aanklikken!***

In deel twee van de driedelige serie over een dagje in de tuinhut van Arjan Troost zijn de eekhoorns aan de beurt. Eén van de meest geliefde fotomodellen die je kunt aantreffen voor een fotohut. Gelukkig lieten ze ons vandaag ook niet in de steek. Altijd weer een prachtig moment als ze de eerste keer op de dag verschijnen.

Gedurende de dag hebben we twee eekhoorntjes gezien en soms kwamen ze tegelijkertijd langs. Maar ik kreeg niet de indruk dat ze veel met elkaar op hadden. Meestal negeerden ze elkaar gewoon. De één was een stuk donkerder dan de ander. De lichtste van de twee heb ik het vaakst op de foto. Die vond ik ook het mooiste om te zien.

Heel langs bleven ze nooit. Even een snelle snack langs de vijverrand en dan er weer vandoor. Maar gelukkig genoeg mogelijkheden om ze vast te leggen.

Bij de volgende foto lijkt het net of ie in de gaten heeft dat hij wordt bespied. Verbaasd kijkt hij richting de hut. Omdat wij achter spiegelglas zitten kan hij ons niet zien. Misschien heeft hij ons geroken of gehoord.

Gelukkig gaan de eekhoorns verder gewoon hun gang, zonder aandacht aan de hut of ons te besteden. Nieuwsgierig komt hij even kijken of er nog wat te halen valt.

Wat zijn het toch leuke diertjes!

Natuurlijk mag een drinkende eekhoorn niet ontbreken in dit overzicht. Bij deze dan.

Soms heb je mazzel dat je model precies op het juiste plekje gaat zitten.

Verder had ik nog de wens om een badderende eekhoorn of een springend exemplaar te fotograferen. Maar ondanks het mooie weer werd er niet gebadderd. Wat ze af en toe wel deden was over de vijver springen. Maar het is me niet gelukt om dat moment in een mooie foto te bevriezen. Hoewel ik meestal alleen mijn beste foto’s in mijn blogs laat zien maak ik nu een uitzondering. Mijn beste poging om een springende eekhoorn te fotograferen:

Later bleek dat ik mijn camera niet op de snelste opnamestand had staan. Gevalletje oeps….! Ondanks deze stommiteit was het toch heerlijk om deze beestjes weer eens te kunnen fotograferen.

In deel 3 van ‘De tuinhut’ spelen vogels weer de hoofdrol. Binnenkort in dit theater!

De Tuinhut 1

25 mei 2018

***Voor een grotere en scherpere weergave even de foto’s aanklikken!***

Begin mei was het weer tijd voor mijn jaarlijkse fotohutuitje (ja, lees het nog maar eens een keer) met Dick. Dit keer was de keus gevallen op de tuinhut van Arjan Troost in Rijssen. Bekend door de mogelijkheden om duikende ijsvogels te fotograferen. Helaas werd het in de weken voor de gereserveerde datum al duidelijk dat de plaatselijke ijsvogel de winter niet was doorgekomen. Dat was wel even een tegenvaller en dus hoopten we, zoals altijd, op een mooie havik of sperwer voor de hut. En ook de eekhoorns zijn altijd leuk om te fotograferen.

Na ontvangst met een kopje koffie begeleide Arjan ons naar de hut, gelegen aan de rand van zijn tuin. En dan begint het wachten en de gespannen verwachtingen. Zouden de roofvogels komen? Of andere bijzondere soorten. Na een rustig begin wordt het langzamerhand steeds drukker. De meest gangbare soorten waren de huismus, de tortelduif en de groenling. In dit eerste blog zal ik die dan ook de revue laten passeren.

Deze vrouwtjesmus ging even zitten op het mooiste plekje voor de hut.

Het mannetje ging boven de vijver op een tak zitten. En daar komt alle zegen van boven. Het levert een leuke foto op.

Het was erg zonnig die dag en ik vond het licht behoorlijk lastig. De zon heeft begin mei al veel kracht en de meeste tijd hadden we vrij hard licht. Dus het bleef de hele dag hard werken om mooie foto’s te maken. En als de zon eventjes achter een wolk verdween was het zaak daar van te profiteren.

Naar mate de dag vorderde werd het warmer en verschillende vogels kwamen langs voor een badsessie. Ook onze mussenfamilie konden de lokroep van het verkoelende water niet weerstaan.

Al kun je het pootjebaden van deze mus eigenlijk niet als badsessie betitelen.

Maar het vrouwtje deed even voor hoe je goed in bad gaat. Het was een gespetter van je welste. Kijk dat is nog eens een badscène.

Naast de huismussen zijn er dus veel groenlingen ter plaatse. Maar bij het nakijken van mijn foto’s blijkt dat ik opvallend weinig foto’s van heb gemaakt. In ieder geval weinig foto’s die mij kunnen bekoren. Eigenlijk geen idee waardoor dat komt. We moeten het dus doen met deze foto van een gespiegeld mannetje groenling.

Toch jammer dat ik niet meer mooie foto’s heb (kunnen) maken. Want het is een prachtig vogeltje!

De derde soort die ik in dit blog wil laten zien is de tortelduif. Zoals meestal zijn ze ook op deze plek met z’n tweeën. Regelmatig laten ze zich samen zien voor de hut. En geven zo voldoende kansen om ze te fotograferen.

Door het felle zonlicht moet ik soms behoorlijk onderbelichten. Dus ondanks de zon dus toch donkere foto’s. Maar het geeft wel een mooie sfeer vind ik. Hieronder nog een voorbeeld.

Je ziet het, soms lopen ze bijna je lens binnen.

Net als de andere vogels nemen de tortels in de middag ook een bad. Een grotere vogel levert natuurlijk ook meer spetters op.

Het leuk van deze foto vind ik dat ik hem van voren heb kunnen nemen. En dan ook nog samen met de spiegeling. Ik vind hem erg mooi.

Na het badderen ging de duif met zijn vleugel omhoog zitten. Zou dat zijn om op te drogen? Ik had het nog nooit gezien zo. Wel een grappig beeld.

Alsof hij zijn vinger opsteekt in de klas!

Hiermee eindig ik mijn eerste blog over ons bezoek aan de tuinhut van Arjan Troost. In een volgend blog laat ik zien wie en wat er nog meer voorbij kwamen.

 

 

Het macroseizoen is begonnen

8 mei 2018

***Voor een grotere en scherpere weergave even de foto’s aanklikken!***

Zo eind april begint voor mij het macroseizoen. En met name een specifiek vlindertje zorgt er bij mij voor dat de macrokriebels toenemen. Ik heb het over het oranjetipje. Eén van de vele lentebodes in de Nederlandse natuur. Natuurlijk heb je ook de bosanemonen, tulpenvelden en nog veel meer, maar voor mij begint de lente als de oranjetipjes rondfladderen. Alleen om te fotograferen wil je graag dat ze niet fladderen, maar dat ze rustig blijven zitten. En dus moet je vroeg je bed uit. Zo gezegd, zo gedaan. Tijdens familiebezoek in Drenthe vertrek ik ’s ochtends vroeg naar een voor mij bekend oranjetipjesgebied.

Vorig jaar duurde het een uur voordat ik er eentje vond (klik hier), maar nu is het na een paar passen al raak. Geen oranjetipje, maar zo’n bedauwd geaderd witje kan ik niet zomaar laten hangen.

Zoals je ziet zit alles lekker onder de dauw. En dat is dus ook precies de reden dat je zo vroeg moet opstaan. De natte vlinders kunnen nog niet vliegen en moeten wachten tot ze zijn opgedroogd. Tot die tijd heb je alle gelegenheid om ze te fotograferen.

Maar nu snel verder op zoek naar oranjetipjes. Vandaag ben ik samen op pad met mijn zus, dus twee paar ogen. En het duurt niet al te lang voordat we beet hebben.

De opkomende zon schijn door de bomen achter het vlindertje. De vleugels schijnen oranje door, dus dit is een mannetje.

Vandaag is blijkbaar een goede dag voor oranjetipjes, want binnen no-time hebben we nog twee mannetjes en een vrouwtje gevonden. Het vrouwtje was nog kletsnat.

Maar ik richt me toch weer op de mannentjes. Het oranje in hun vleugels geeft net dat beetje meer. Sorry dames!

Door met de witbalans van mijn camera te spelen krijg je ineens een heel andere sfeer. Niet echt natuurlijk, maar wel leuk om je tussendoor mee bezig te houden.

Dan kruip ik er wat meer bovenop. Eens kijken of ik een leuke close-up kan maken.

Best harig zo’n oranjetipje. Dat is dan ook één van de leuke dingen van macrofotografie: je kunt (laten) zien wat je normaal gesproken niet ziet. Maar meestal vink ik iets meer afstand fotografisch gezien mooier. Het beestje in zijn leefomgeving zogezegd.

Zoals je ziet gaat het opdrogen erg langzaam. En ik moet eigenlijk al weer stoppen. Tegen beter weten in blijf ik toch nog een kwartiertje, maar dan moet ik echt gaan. Had graag nog een foto gemaakt met de vleugels open. Op weg naar de auto kom ik weer langs het geaderd witje die we als eerste zagen vanmorgen. Ik had er een stok bij gezet, zodat ik hem makkelijk terug kon vinden.

Dus in dit blog over de oranjetipjes mag dit witje het verhaal openen én afsluiten.

Dank voor het lezen en tot de volgende keer.

 

Dagje AWD

24 april 2018

***Voor een grotere en scherpere weergave even de foto’s aanklikken!***

Afgelopen week was ik zomaar een weekje vrij. Ik had (bijna) geen afspraken en dus had ik een dagje voor mezelf ingepland om te fotograferen. Waar naar toe was toen de vraag. Ik besloot dat het hoog tijd was om weer eens naar de Amsterdamse Waterleidingduinen te gaan. Een blik in mijn archief leerde me dat ik voor het laatst in juli 2015 er geweest was. Natuurlijk veel te lang geleden. En dus toog ik ’s ochtends vroeg op weg naar de duinen voor een dagje struinen. Ik zou wel zien wat ik tegenkwam, hoewel een fotogeniek vosje wel leuk zou zijn. Maar het ging me voornamelijk om, na een druk en soms heftig jaar, een dagje voor mezelf te hebben en te genieten van de natuur.

Zoals verwacht werd ik opgewacht door de damherten. Altijd lastig om daar een interessante foto van te maken. Zo tussen de bomen vond ik wel wat hebben.

Mooi meegenomen dat de kop van het achterste hert precies tussen de poten te zien is.

De rest van de ochtend was het vooral veel wandelen en weinig fotograferen. Maar heerlijk om mijn hoofd zo leeg te maken. Het waren voornamelijk de herten die ik ’s ochtends te zien kreeg. En niet allemaal bleven ze rustig staan. Deze hinde ging er in een rotvaart vandoor.

Dan hoorde ik opeens de kenmerkende lach van een groene specht. Ik op zoek. Langzaam kwam ik steeds dichterbij tot ik bijna onder de boom stond waar de specht bleef roepen. Kijken, kijken, kijken, maar zien deed ik hem niet. En de specht maar lachen! Tot het moment dat ik hem weg zag vliegen. Oh, daar zat ie dus.

Na deze speurtocht liep ik verder de strandweg af richting het strand. Het was heerlijk weer en een kopje koffie in een strandtentje leek me een heerlijk vooruitzicht. Onderweg zag ik nog deze mannen op een duintop staan.

Ik heb ze de ‘drie musketiers’ genoemd.

Na de koffie terug het gebied in. Ik ben nu bij de vossenplek, maar die laten zich niet zien. Misschien later vanmiddag. Ik wandel dus door en richt me op de vele vogeltjes die hier rondvliegen. Je hoort overal het vrolijke gefluit in de struiken. Op en top lentegevoel! Foto’s maken is nog niet zo makkelijk, want ze vliegen snel op als je wat dichterbij kom. Maar dit kneutje kon ik toch te pakken nemen.

Even later zie ik in een boom een vogel zitten die ik niet gelijk thuis kan brengen. Als ik dichterbij kom zie ik wat het is: een gekraagde roodstaart. Niet een soort die ik veel zie, dus ben ik blij met deze foto.

Dan is het tijd om terug te gaan om te kijken of de vossen nog willen meewerken. Maar na twee uur rondhangen op de plek waar ze vaak gezien worden is er geen vos te bekennen. En zo langzamerhand wordt het tijd om me naar de uitgang te begeven. Het was een fantastische dag, maar een lichte teleurstelling kan ik toch niet onderdrukken. Het zij zo. Heb ik nog een excuus om snel nog eens terug te komen.

Rustig wandel ik richting de parkeerplaats als ik plots een vos zie lopen langs één van de vele waterstromen. Dus toch nog! Even observeert hij mij.

Dan besluit hij dat ik verder niet interessant ben en negeert me verder. Hij gaat verder waar ie mee bezig was: op zoek naar muizen in het gras.

Ik vind het altijd prachtig als ze gewoon lekker hun gang gaan. Dat heeft wel als gevolg dat ik mijn best moet doen om hem bij te houden. Soms blijft hij even rondsnuffelen op een plek en geeft mij de gelegenheid om met een omtrekkende beweging weer voor hem te komen. Als hij dan op de verwachte plek weer uit de struiken komt kan ik deze foto maken.

Ik blijf liggen waar ik lig en dan loopt hij, één en al focus, vlak langs me. Wat een prachtige natuurbeleving!

Na dit moment is het echt tijd om me naar de auto te begeven. Met gezwinde spoed loop ik naar de uitgang. Nog één momentje is het vermelden waard. Een eekhoorntje schiet over de grond een boom in. Een klein moment neemt hij om even om te kijken. Dat kan ik nog net vastleggen.

Zo vaak lukt het niet om in de vrije natuur een eekhoorn vast te leggen, dus deze foto is wel erg leuk om te hebben.

En zo eindigt een prachtige dag in de duinen. Ik neem me voor niet weer bijna drie jaar te wachten voordat ik terug kom.

Poldervalk

21 januari 2018

***Voor een grotere en scherpere weergave even de foto’s aanklikken!***

Mijn eerste blog in dit nog jonge jaar. De titel van dit blog suggereert misschien de ontdekking van een nieuwe valkensoort, maar helaas. Dit blog gaat over een torenvalk in de polder. Door mij even herdoopt tot poldervalk. Want waar zie je deze soort het meest: in de polders! Een aantal keren ben ik wezen kijken of ik mooie foto’s kon maken. Het verhaal ging dat er een hele tamme torenvalkdame in de polder zat. Deze kon je tot op een vijftal meters met je auto benaderen en nog bleef ze zitten. De eerste paar keer voldeed ze bij mij niet aan deze reputatie. Dichterbij dan op een zandhoopje kwam ze niet. De paaltjes langs het polderweggetje leken haar niet te interesseren.

Nadat we een aantal keren zonder succes huiswaarts gekeerd waren, dachten we dat misschien de wind spelbreker was. Tot nu toe stond er altijd een stevig briesje. Misschien niet ideaal voor een torenvalk om op een paaltje te gaan zitten. Dus gingen we het nog één keer proberen op een dag met minder wind. En ja hoor, mevrouw zat al op ons te wachten.

En we konden inderdaad heel dichtbij komen. Wat een mooie beleving was dat. Oog in oog met een wilde torenvalk op een meter of zes. Alleen voor fietsers en wandelaars ging ze op de wieken. Om even later weer terug te keren.

Na heel veel portretjes was het wachten natuurlijk op de vangst van een prooi. Die ze dan natuurlijk voor onze neus zou moeten gaan oppeuzelen. Het duurde even, maar ook deze wens kwam uit. Ze zat weliswaar met de rug naar de auto, maar dat maakte het voor mij niet minder speciaal.

Helaas kwam er net op dit moment een fietser aan, dus weg was ze met de muis. Verder het veld in ging ze verder met haar ontbijt. Te ver voor foto’s. Maar dat maakte mij niet meer uit. Ik had mijn shot, ook al was het er maar één.

En de voorstelling was nog niet afgelopen. Even later kwam ze, met een volle maag, weer langs de weg zitten. Met de rug naar ons toe begon ze aan een poetsbeurt. Maar ze hield ons wel in de gaten. Zo af en toe wierp ze een blik over haar schouder.

Daarna is het natuurlijk tijd om even uit te buiken. In dit geval op een metalen hek. Niet het meest fotogenieke plekje als je het mij vraagt.

Soms is het ook wel weer handig die fietsers en wandelaars die langs komen. Zo vloog ze nu vanaf het lelijke hek naar een mooie oude weidepaal. Inclusief ijzeren band en prikkeldraad.

En zo eindigt, voor nu, mijn jacht op de poldervalk toch met een mooie serie foto’s. En ik heb weer wat geleerd over het gedrag van deze vogel. Boven windkracht drie gaan ze niet op de paaltjes zitten. Natuurlijk zijn er nog wel wat wensen over: de torenvalkman wilde nog niet meewerken en ook een mooie landingsfoto staat nog op mijn verlanglijstje. Dus er komt ongetwijfeld nog een vervolg…..

%d bloggers liken dit: